
Botopbouw vóór de implantatie
Vorming van nieuw bot – verloren gegaan bot regenereren.
Een stevig benig fundament voor uw implantaat
Voor het slagen van tandimplantaten moet een stevig benig fundament aanwezig zijn. Wij kunnen patiënten met een verminderd botaanbod helpen met botopbouwende en regeneratieve maatregelen.
Dankzij driedimensionale diagnostiek kunnen wij de omvang van de benodigde botopbouw al vóór het plaatsen van een implantaat nauwkeurig bepalen. Afhankelijk van de omvang van een bottekort zijn verschillende maatregelen beschikbaar.

Botvervangende materialen
Menselijk bot heeft het vermogen zich gedeeltelijk zelf weer op te bouwen. Biomaterialen ofwel botvervangende materialen ondersteunen het lichaam bij het regenereren van verloren gegaan bot.
Een kleiner botdefect kan met botvervangende materialen worden opgevuld. Het botvervangende materiaal wordt ter plaatse van het defect aangebracht. Vaak mengen wij er botspanen bij om het regeneratieproces te bevorderen.
Eigen bot
Minimaal invasieve transplantatie van eigen bot
Bij grotere defecten in de breedte, bij te smalle of te vlakke kaakwallen, bij verlies van bothoogte of bij geatrofieerde kaakgebieden adviseren wij het bottekort op te vullen met een zo weefselsparend en minimaal invasief mogelijke transplantatie van eigen bot.
Wij voeren deze botopbouw uit met microchirurgische technieken om de belasting voor onze patiënten zo klein mogelijk te houden.
Het belangrijkste in het kort
- Ontbreekt er bot, dan kan het implantaatbed in de meeste gevallen weer worden opgebouwd.
- Daarbij wordt eigen bot, botvervangend materiaal of een combinatie van beide gebruikt.
- Kleinere opbouwen vinden vaak tijdens dezelfde ingreep als de implantatie plaats.
- Grotere opbouwen vragen een eigen inheelperiode vóór het implantaat.

